Een organisatie in beweging krijgen van een hiërarchische oriëntatie naar zelforganisatie is niet makkelijk. In dit stuk nemen we je mee in de weerbarstigheid van de praktijk.

In zijn boek Reinventing Organzations benoemt Laloux scherp dat het veel makkelijker is om een teal organisatie vanuit het niets te beginnen dan een grote, bestaande organisatie om te turnen. Niettemin is het ook voor grote organisaties mogelijk wanneer de leidende principes zelfmanagement, heelheid (wholeness) en de (evoluerende) bedoeling in alle gedachten en handelingen zichtbaar en voelbaar zijn. Dat dit een proces van volhouden vraagt zien we ook in dit voorbeeld terug.

De uitdaging

Door een bezuiniging van 13 miljoen en een veranderende zorgvraag in de samenleving wordt een van oudsher hiërarchisch georganiseerde zorginstelling omgevormd tot een veel ‘plattere’ organisatie waarbij veel meer vanuit de klantvraag georganiseerd moet gaan worden en de verantwoordelijkheid dus veel lager in de organisatie komt te liggen. De transitie naar deze zogenaamde ‘zelforganisatie’ steunt op een diep geloof in wat ze bij de zorginstelling ‘Waarderend Organiseren’ noemen; deze werkwijze is gebaseerd op het idee dat alles dat aandacht krijgt groeit. Gaat er teveel aandacht naar problemen en knelpunten, dan worden deze vanzelf groter, of als groter ervaren. Ligt de focus daarentegen op successen en inspirerende aspecten, dan leidt dit tot een versterking van het positieve. Om de toenemende complexiteit waar de organisatie mee kampt het hoofd te bieden zijn zelfsturing, eigen verantwoordelijkheid en initiatiefkracht binnen teams een noodzaak. Bijvoorbeeld in de transitie van kwaliteit van zorg naar kwaliteit van leven. Iedere cliënt is tenslotte anders –we spreken hier dus van ‘regie aan het bed’, zo dicht mogelijk bij de cliënt zelf. Dus zo laag mogelijk in de organisatie. De transitie van de oude organisatie naar een nieuwe vorm heeft veel gevoelens van angst, frustratie en onveiligheid met zich meegebracht. Op dit moment is de uitdaging om mensen met elkaar in gesprek te brengen over hoe ze die verandering zelf vorm willen geven (er voor kunnen gaan staan) en hierbij ook ruimte te geven aan negatieve gevoelens met betrekking tot de reorganisatie.

Mijn taak

Aan mij de taak om mensen met elkaar in gesprek te brengen. Mijn inzet is daarbij om de menselijkheid (in tegenstelling tot efficiëntie en regel-georiënteerd)  weer voor het voetlicht te krijgen en waar nodig te herstellen en te versterken. Uitgangspunt van mijn werkwijze is dat ieder mens een wezenlijk verlangen heeft naar vrede en harmonie. Op deze ondertoon kunnen dan de meest pijnlijke en harde gevoelens van frustratie en woede geuit worden. Pas als al deze gevoelens erkend en uitgesproken zijn, is er ruimte voor een nieuwe relatie en bereidheid nieuwe vormen van samenwerken en organiseren aan te gaan. Professionaliteit gaat namelijk niet alleen over goede zorg leveren, maar evenzogoed over collegialiteit; dit is wat mij betreft zelfs een voorwaarde voor de zelforganisatie die IJsselheem voor ogen staat.